|

Inhoud
1 Het initiatief Langenboom
1.1 Een dorpshart met voorzieningen
1.2 Peiling
van het draagvlak in het dorp
2 Achtergrondgegevens
2.1 De respons
2.2 Leeftijd en geslacht
2.3 Gezinssamenstelling
2.4 Dagbesteding
3 De Wis
3.1 Bekendheid en gebruik
3.2 Tevredenheid
3.3 Extra voorzieningen
4 Steunpunt ‘t Kloster
4.1 Zorg voor
elkaar: informele zorg
4.2 Bekendheid en gebruik
4.3 Aandachtspunten
5 Dorpswinkel
5.1 Type boodschappen
5.2 Het te besteden bedrag per week per huishouden
5.3 Minimale en
maximale weekomzet
5.4 Extra voorzieningen
5.5 Praktische
en financiële bijdrage
6 Wonen
6.1 Woningbehoefte
7 Conclusies en aanbevelingen
7.1 De
gemeenschapszin is groot in Langenboom
7.2 Gevarieerder aanbod en multifunctioneel gebruik van de Wis
7.3 Openstellen van Steunpunt ’t Klôster
7.4 Vangnet voor mantelzorgers
7.5 Een
breed draagvlak voor de dorpswinkel
7.6 Dorpswinkel
lijkt levensvatbaar
7.7
Behoeften afstemmen op woonontwikkelingen
7.8
Gesprekken met specifieke doelgroepen
7.9 Vervolgstappen
1 Het initiatief Langenboom
In Langenboom is de dorpsraad samen met de inwoners aan de slag
gegaan met het creëren van een dorpshart in hun lintdorp. Via
bewonersavonden hebben de inwoners een keuze gemaakt voor de
locatie van het dorps¬hart. De voorkeur gaat uit naar de plek
waar het gemeenschapshuis De Wis en het steunpunt ’t Kloster
staat. Uit deze bijeenkomsten blijkt tevens dat er veel behoefte
is aan commerciële diensten en opwaardering van het lokale
aanbod van zorg en welzijnsactiviteiten.
Door het gemeenschapshuis en het steunpunt voor ouderen meer met
elkaar te verbinden kunnen bestaande activiteiten elkaar meer
versterken. Ook biedt het wellicht meer ruimte voor nieuwe
voorzieningen zoals een soort van dorpswinkel en activiteiten
voor jongeren.
1.1 Een dorpshart met voorzieningen
De dorpsraad heeft gesprekken gevoerd met de gemeente Mill en
Sint Hubert, Pantein, Woonmaatschappij Maasland, ondernemers en
het bestuur van de Wis over een betere verbinding van het
Kloster met De Wis. Daarnaast hebben zij gesprekken gevoerd met
de eigenaar van het Rabogebouw. Op deze locatie is de
haalbaarheid onderzocht van een nieuw te bouwen
appartementencomplex met daaronder ruimte voor een dorpswinkel
en een servicepunt van de Rabobank. Nader onderzoek wees uit dat
het alleen haalbaar is om op die locatie appartementen te
bouwen. Op grond hiervan heeft de dorpsraad samen met de
gemeente en Woonmaatschappij Maasland besloten om de
haalbaarheid te onderzoeken van het combineren van allerlei
voorzieningen op de locatie bij de Wis.
Hiervoor hebben zij samen met steun van Stichting Op het Dorp
een projectgroep opgericht die de haalbaarheid onderzoekt van de
opzet van een multifunctioneel dorpstrefcentrum.
1.2 Peiling van het draagvlak in het dorp
Een bundeling van voorzieningen in een kleine kern zoals
Langenboom is alleen levensvatbaar als er voldoende binding is
met de lokale bevolking. Om deze reden heeft de projectgroep met
steun van Stichting Op het Dorp een enquête laten maken door het
PON om na te gaan hoe de totale gemeenschap tegenover de ideeën
staat. De enquête is verspreid onder alle 900 huishoudens en 150
thuiswonende jongeren van 18 jaar en ouder. De uitkomsten
hiervan vormen een belangrijke basis voor het maken van keuzes.
Om de respons te verhogen zijn de vragenlijsten een week later
weer opge-haald door een aantal vrijwilligers uit het dorp.
Het PON Instituut voor advies, onderzoek en ontwikkeling in
Noord-Brabant heeft de resultaten verwerkt en geanalyseerd. In
deze rapportage zijn de bevindingen van de enquête weergegeven.
De gegevens van de behoeftepeiling in het dorp maakt onderdeel
uit van het haalbaarheidsonderzoek van de gemeente Mill en Sint
Hubert en Woonmaatschappij Maasland. Op basis hiervan kunnen in
nauwe samenwerking met de Langenboomse gemeenschap de volgende
stappen gezet worden.
Op basis van de gegevens van de behoeftepeiling in het dorp en
de haalbaarheidstoets van de gemeente Mill en Sint Hubert en
Woonmaatschappij Maasland kunnen dan de volgende stappen gezet
worden.
2 Achtergrondgegevens
2.1 De respons
In totaal wonen er 900 huishoudens in Langenboom. Hiervan hebben
627 huishoudens de vragenlijst ingevuld en geretourneerd. Dit is
een enorme respons, dit betekent namelijk dat 70% van het totaal
aantal huishoudens heeft meegedaan aan de enquête.
Ook de thuiswonende jongeren van 18 jaar en ouder hebben een
vragenlijst ontvangen. In totaal hebben 111 jongeren de
vragenlijst ingevuld. Hiermee heeft 74% van deze doelgroep
gereageerd.
De cijfers zijn hierdoor zeer representatief voor de gehele
Langenboomse bevolking. De hoge respons is bereikt mede dankzij
de inspanningen van alle vrijwilligers die de lijsten huis aan
huis hebben opgehaald.
Uit de hoge respons en de grote inzet van de vrijwilligers kan
afgeleid worden dat de Langenboomse bevolking zeer begaan is met
de leefbaarheid van het dorp en veel waarde hecht aan het
verbeteren hiervan.
2.2 Leeftijd en geslacht
Zowel mannen als vrouwen hebben de vragenlijst ingevuld. Vrouwen
zijn in de meerderheid: 61% van alle respondenten blijkt
namelijk een vrouw te zijn. De overige 39% van de vragenlijsten
is ingevuld door een man. Wellicht dat zij meer affiniteit met
de onderwerpen hebben. Landelijke cijfers wijzen uit dat
zorgtaken en huishoudelijke taken met name door vrouwen
uitgevoerd worden.
Bij de thuiswonende jongeren liggen de percentages net andersom.
Daar is 62% man en 38% vrouw.
De vragenlijst is ingevuld door mensen uit verschillende
leeftijdsgroepen. In de onderstaande tabel is te zien dat bij
28% van de respondenten minstens één persoon in het huishouden
ouder is dan 60 jaar. De groep respondenten ouder dan 75 jaar is
klein. In de bevolkingsopbouw is deze groep ouderen ten opzichte
van andere leeftijdsgroepen ook klein.
Tabel 1 leeftijd (n=608)
| Leeftijd |
Huishoudens |
| 18-30 jaar |
6% |
| 31-45 jaar |
31% |
| 46-60 jaar |
35% |
| 61-75 jaar |
20% |
| Ouder dan 75 jaar |
8% |
De meerderheid van de respondenten onder de thuiswonende
jongeren heeft een leeftijd van 18 tot 25 jaar, namelijk 71
jongeren in deze leeftijdscategorie namen deel aan de enquête.
We nemen aan dat de grootste groep thuiswonende jongeren ook tot
deze leeftijdscategorie behoort. Achttien respondenten verkeren
in de leeftijd van 25 tot 35 jaar en 14 respondenten zijn ouder
dan 35 jaar.
2.3 Gezinssamenstelling
De gezinssamenstelling van de respondenten ziet er als volgt
uit:
- 46% vormt samen een tweeoudergezin met kinderen,
- 37% betreft een stel zonder kinderen,
- 14% betreft een éénpersoonshuishouden
- 3% een éénoudergezin met kind(eren).
2.4 Dagbesteding
De respondenten hebben aangegeven wat hun belangrijkste
dagelijkse bezigheid is, uitgedrukt in het aantal uren per week.
In de onderstaande tabel ziet u een overzicht hiervan.
Tabel 2: Belangrijkste dagelijkse bezigheid (n=598)
| Bezigheid |
Huishoudens |
| Een betaalde parttimebaan |
21% |
| Een betaalde fulltimebaan |
28% |
| Huisvrouw/-man |
30% |
| Gepensioneerd |
18% |
| Arbeidsongeschikt of werkloos |
3% |
Van de tabel is af te leiden dat 49% van de respondenten betaald
werk ver-richt.
3 De Wis
3.1 Bekendheid en gebruik
In de enquête is gevraagd of mensen bekend zijn met het aanbod
van de Wis. Hierop antwoordde 63% van de huishoudens dat ze
bekend zijn met het aanbod. Bij de thuiswonende jongeren scoorde
deze vraag veel lager. Daar gaf 40% van de jongeren aan bekend
te zijn met het aanbod.
In tabel is te zien dat iets meer dan de helft van de
huishoudens vaak tot regelmatig De Wis te bezoekt. Slechts een
kleine groep komt vaak in De Wis (7%). De thuiswonende jongeren
maken minder gebruik van De Wis. 24% van de jongeren zegt vaak
tot regelmatig bij De Wis te komen. Ook hier geldt dat slechts
een kleine groep van 6% vaak gebruik maakt van De Wis.
Tabel 3 Gebruik van de Wis (n=600)
| Bezoek |
Huishoudens |
Jongeren |
| Vaak |
7% |
6% |
| Regelmatig |
48% |
18% |
| Nooit |
45% |
76% |
3.2 Tevredenheid
Tabel 4 laat zien dat zowel bij de huishoudens als bij de
jongeren slechts 1% ontevreden is over De Wis. Het valt op dat
40% van de huishoudens en meer dan de helft van de jongeren te
weinig weet over het aanbod van de Wis. Bijna de helft van de
huishoudens en een derde van de jongeren geeft echter aan
tevreden te zijn over De Wis.
Tabel 4 Tevredenheid (n=596)
| Tevredenheid |
Huishoudens |
Jongeren |
| Tevreden |
48% |
29% |
| Matig tevreden |
11% |
15% |
| Ontevreden |
1% |
1% |
| Weet niet |
40% |
55% |
Verschillende respondenten van de huishoudens en van de
thuiswonende jongeren noemen verbeterpunten voor De Wis.
Hieronder ziet u deze gerubriceerd weergegeven.
De faciliteiten en het personeel
- Vergaderruimten zijn te klein, kleine zaal langs de grote zaal
is te gehorig als de grote zaal bezet is. (2x)
- Gelijke consumptieprijzen voor alle activiteiten en de huur
van ruimten, geen winstinstelling.
- Totaal rookverbod, dus ook in de entreehal of aparte ruimte
met betere afzuiging. (4x)
- Rookverbod opheffen, alleen in de sportzaal niet.
- Horeca beter uitbaten, is nu niet aantrekkelijk: soort van
bruin café met meer snack/ eetgelegenheid.
- Zaal afhuren voor incidenteel gebruik zoals zaalvoetbal: kan
enthousiaster ontvangen worden i.p.v. tegenhouden vanwege te
weinig vrijwilligers.
- Ander personeel, een jongere noemt leuker personeel zodat het
meer mensen aantrekt.
- Klantvriendelijk werken is een aandachtspunt.
- Meer gebruik van faciliteiten en betere PR hierover.
Sportzaal
- Sportzaal vergroten, zodat de sporten die nu in Mill gespeeld
worden door Langenboomse teams ook in De Wis kunnen
plaatsvinden. Meer gebruik door meerdere sporten vergroot de
inloop. (2x)
- Veiligheid spullen in de kleedkamers door kluisjes: er wordt
gejat, mensen kunnen te gemakkelijk naar binnen en naar buiten
lopen.(2x)
- Te weinig mogelijkheden voor toeschouwers bij
sportwedstrijden, geen tribune. (2x)
- Competitie vereniging voorrang t.o.v. recreactieve
verenigingen.
- Vroege avonduren toewijzen aan jeugdige sporters en niet aan
volwassen sporters.
- Een raam aan de barzijde bij de grote vergaderzaal. (3x)
- Bij tafeltenniswedstrijden is er altijd te weinig plaats voor
toeschouwers.
- Meer klantgericht naar de wensen van de sportclubs van
Langenboom.
- Meer en grotere kleedruimtes.
Sfeer ontmoetingsruimte
- De ontmoetingsruimte heeft te weinig sfeer en is ongezellig,
het blijft een kantinesfeer, teveel doorloop, te weinig
cafe-achtig. (5x)
- Kantine is met name voor ouderen.
- Ontmoetingsruimte past wel bij het sportgedeelte. Bij meer
activiteiten zou deze gezelliger moeten worden.
Meer activiteiten voor jongeren
- De Wis is gericht op ouderen en sport, misschien iets mogelijk
maken voor kinderen van 0 tot 16 jaar. Één keer per maand iets
te doen is zoals een disco of het draaien van een film, dans of
jazz, meer sportmogelijkheden zoals turnen, gym, judo. (4x)
- Helaas zijn dansactiviteiten voor kinderen groep 1 t/m 4
gestopt. (2x)
- Ook de jongeren zelf geven aan behoefte te hebben aan
activiteiten zoals bijvoorbeeld een honk, streetdanslessen,
danslessen, danswedstrijden, meer sportactiviteiten,
spiegelwand, darten, computergebruik, hobbytentoonstellingen,
schilderen.
Meer activiteiten en PR
- Gevarieerder, groter activiteitenaanbod door meer
verenigingen, jong en oud. (8x)
- Door spiegels op te hangen een danszaaltje maken. (2x)
- Schilderen voor ouderen.
- Bejaardengym en handwerken.
- Aanbod cursussen: creatief, computervaardigheden, human
interest onderwerpen zoals bibliotheken organiseren, lezingen,
muziekoptredens, theater en bioscoop.
- Workshops en vergaderingen.
- Spreekkamers zouden gebruikt kunnen worden door een
fysiotherapeut e.d.
- Denk ook aan de klusjesman.
- Meer bekendheid geven aan bestaande activiteiten en
mogelijkheden. (2x)
- Bankkantoor
- Servicepunt in de Wis
- Buitenschoolse opvang
Overige zaken
- Ik zou graag de kermis verplaatst zien naar het kerkplein:
tegenover Bens of op het voetbalveld van Bens.
- Kermis op het kerkplein zodat dit dorpsgebeuren een eenheid
blijft voor oud en jong.
- Mogelijkheden voor startende ondernemers, bedrijfsruimte. (2x)
3.3 Extra voorzieningen
Door De Wis meer te verbinden met het Steunpunt ’t Kloster
zouden er meer activiteiten mogelijk zijn. In de enquête hebben
de respondenten de activiteiten aangekruist waarvan zij
daadwerkelijk gebruik zouden maken.
Activiteiten voor iedereen
Bij de activiteiten en voorzieningen die relevant kunnen zijn
voor meerdere doelgroepen in Langenboom onderscheiden we een
top-5 van voorzieningen. Deze zijn door meer dan een kwart van
de huishoudens aangekruist. Dezelfde voorzieningen scoren ook
beter bij de jongeren.
Het gaat hier met name om medische voorzieningen met
uitzondering van de bibliotheekfunctie. 30% van de huishoudens
geeft aan daadwerkelijk gebruik te zullen maken van een
afhaalpunt van de bibliotheek.
Van een fysiotherapeut zegt ruim een derde deel van de
huishoudens gebruik te zullen maken. Bijna de helft van de
huishoudens geeft aan gebruik te zullen maken van een spreekuur
van de huisarts. De prikdienst en een afhaalpunt van de apotheek
scoren nog hoger richting de 60%.
Activiteiten voor specifieke doelgroepen
Een aantal voorzieningen voor meerdere doelgroepen scoren lager
dan 20%. Dit zijn met name de activiteiten voor specifieke
doelgroepen. Deze doelgroepen zijn relatief ook kleiner en het
is dus ook logisch dat de scores lager uitvallen. Dit betekent
echter niet dat hier te weinig draagvlak voor zou zijn.
Tabel 5 Extra voorzieningen door verbinding Wis en Steunpunt
| Extra activiteiten |
Huishoudens |
Jongeren |
| Weegspreekuur |
40 (6%) |
1 |
| Kinderopvang en buitenschoolse opvang |
53 (9%) |
9 |
| Creatieve activiteiten |
104 (17%) |
11 |
| Informatiepunt zorg-wonen-welzijn |
112 (18%) |
13 |
| Eetcafé |
110 (18%) |
25 |
| Jeugdhonk |
122 (20%) |
16 |
| Computerhoek met internet en lessen |
125 (20%) |
15 |
| Spreekuur wijkverpleegkundige |
133 (21%) |
12 |
| Cursussen |
141 (23%) |
22 |
| Afhaalpunt bibliotheek |
190 (30%) |
26 |
| Fysiotherapeut |
222 (35%) |
26 |
| Spreekuur huisarts |
300 (48%) |
39 |
| Prikdienst |
359 (57%) |
29 |
| Afhaalpunt apotheek |
367 (59%) |
49 |
| |
|
|
4 Steunpunt ‘t Kloster
Net als in de rest van Nederland verlenen mensen in kleine
kernen zorg aan elkaar. Op grond van familiebanden of andere
duurzame relaties zorgen mensen nog steeds vanzelfsprekend voor
elkaar. Dit wordt ook wel mantelzorg genoemd. Daarnaast zijn er
vrijwilligers die hulp aan anderen verlenen vanuit een
vrijwilligersorganisatie. Als de mantelzorg en/of het
vrijwilligerswerk oftewel de informele zorg niet meer volstaat
wordt een beroep gedaan op de professionele zorg.
In het Steunpunt is een dagopvang voor ouderen gehuisvest. Het
Steunpunt ’t Klôster vangt ouderen op met een indicatie voor
dagopvang. Mantelzorgers worden hierdoor even ontlast. Ook
vrijwilligers kunnen mantelzorgers ontlasten door hand- en
spandiensten te verrichten of de hulpbehoevende gezelschap te
houden.
In de enquête zijn allereerst een paar algemene vragen gesteld
over de mantelzorg en het vrijwilligers. Daarna is navraag
gedaan naar de bekendheid en het gebruik en de tevredenheid van
inwoners over het steunpunt.
4.1 Zorg voor elkaar: informele zorg
Mantelzorg
In tabel kunt u zien dat in langenboom 78 huishoudens momenteel
mantelzorg (familiezorg) verlenen aan een familielid of goede
kennis met een ziekte of handicap. Dit is 13% van de
huishoudens. De mantelzorg varieert van lichte hulp tot zware
zorg. Van deze 13% blijkt het bij 6% te gaan om zwaardere zorg
die wekelijks geboden wordt. Het percentage huishoudens waarvan
één of meerdere leden mantelzorg minstens één keer per week
ontvangen ligt namelijk op 6%. Het gaat hier om 34 huishoudens.
Dit komt overeen met het landelijk gemiddelde waarbij 6% van de
bevolking van 18 jaar of ouder langer dan 8 uur per week
mantelzorg verleent.
Ook onder de thuiswonende jongeren van 18 jaar en ouder zijn er
11 jongeren die mantelzorg verlenen.
Tabel 6 Familiezorg en vrijwilligerswerk
| Familiezorg en
vrijwilligerswerk |
huishoudens |
jongeren |
| Familiezorg |
78 (13%) |
11(11%) |
| Hulp via een vrijwilligersorganisatie |
69 (12%) |
7 (7%) |
Vrijwilligerswerk
Daarbij bieden 69 huishoudens (12%). momenteel hulp aan anderen
in het dorp vanuit een vrijwilligersorganisatie De jongeren zijn
minder actief in het vrijwilligerswerk op het gebied van de
hulpverlening.
De afgelopen 3 maanden hebben 13 huishoudens (2%) hulp ontvangen
van een vrijwilligersorganisatie. De groep zorgontvangers is
veel kleiner dat de groep vrijwilligers. Dit kan betekenen dat
meerdere vrijwilligers hulp bieden aan dezelfde personen. Het
kan ook zijn dat een deel van de vrijwillige hulpverlening meer
incidenteel van aard is. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het
bezoeken van mensen die in het ziekenhuis liggen of het 1 keer
per jaar deelnemen aan een groepsactiviteit voor zieken.
4.2 Bekendheid en gebruik
In de enquête is gevraagd of mensen bekend zijn met het aanbod
van het steunpunt voor ouderen. Hierop antwoordde 32% van de
huishoudens dat ze bekend zijn met het aanbod. Bij de
thuiswonende jongeren scoorde deze vraag veel lager. Daar gaf 6%
van de jongeren aan bekend te zijn met het aanbod.
Uit de respons kunnen we opmaken dat het steunpunt geen brede
inloop kent. In tabel is te zien dat een kleine groep van 14%
van de huishoudens vaak tot regelmatig het steunpunt bezoekt.
Slechts een kleine groep komt vaak in het steunpunt (2%). Dit
zullen de gebruikers en mogelijk ook vrijwilligers zijn die
direct iets te maken hebben met het Steunpunt.
De thuiswonende jongeren komen op 4 personen na nooit in het
Steunpunt.
Tabel 7 Gebruik van het Steunpunt (n huishoudens=593 en n
jongeren=103)
| Bezoek |
Huishoudens |
Jongeren |
| Vaak |
2% |
1% |
| Regelmatig |
12% |
3% |
| Nooit |
86% |
96% |
4.3 Aandachtspunten
- Het is jammer dat de ruimte van de Wis en het Steunpunt niet
met elkaar verbonden zijn, letterlijk. Zodat jong en oud door
elkaar zit, bijvoorbeeld bij de intocht van de Sint.
- De ruimte van de dagopvang zou niet bekostigd moeten zijn door
de bewoners in ’t Kloster. Deze mensen betalen een ruimte
waarvan ze nooit (nauwelijks) gebruik (kunnen) maken.
- Een ochtend of middag koffiedrinken met een spreker over een
bepaald thema voor alle inwoners uit het dorp. Ook activiteiten
bieden voor alle inwoners. Hierdoor verlaag je de drempel en
wordt het steunpunt vertrouwder onder de oudere inwoners.
- Onder begeleiding van een acordeon regelmatig een zangmiddag
van bekende oude liedjes.
- Mensen die over zichzelf of hun hobby’s komen vertellen.
- Opener, zodat iedereen er gemakkelijk zonder schroom
binnenloopt ongeacht leeftijd. Misschien een open dag ook in de
appartementen houden zodat het negatieve imago van het onwetende
eraf gaat.
- De lift in het Kloster is veel te klein en vaak doet die het
ook niet goed. Het blijft stilstaan en dit is angstaanjagend
voor degene die erin zit.
- Meer mogelijkheden bieden aan opvang van ouderen.
- Mogelijk maken van activiteiten deelname zonder eisen.
- Ontmoetingsplaats met nieuwtjes en advertenties voor en door
het dorp met een kop koffie of thee.
- Meer activiteiten voor ouderen zoals schilderen.
- Een galerij binnendoor naar De Wis
- Nu nog warme maaltijden in dozen, liever warme maaltijden in
pannen.
- Bedden om deelnemers van de dagopvang mogelijkheid te bieden
liggend hun rustpauze door te brengen.
- Meer dagopvang voor ouderen (dagelijks) om familie te
ontlasten bijvoorbeeld tussen 9.00 en 18.00 uur met maaltijden.
- Dagopvang met activiteiten en zorg (verzorgende en
activiteitenbegeleider)
- Eventueel ruimtes verhuren voor ontmoetingen gehandicapten
(Vizier) onder elkaar.
- Inloop/ contact delen tijdens creatieve cursussen
- Of bijvoorbeeld cliënten van Vizier taken (overnemen)
verrichten zoals poetsen.
5 Dorpswinkel
5.1 Type boodschappen
Aan de huishoudens is gevraagd welke boodschappen zij zouden
willen doen in een dorpswinkel in Langenboom, uitgaande van een
prijsniveau dat overeenkomt met dat van de Spar.
Tabel 8: Type boodschappen per huishouden (n=606)
| Type boodschappen |
Huishoudens |
| Alle boodschappen in Langenboom |
38% |
| Alleen de boodschappen die hij/zij vergeten is |
46% |
| Alleen de versproducten |
9% |
| Alleen de houdbare producten |
4% |
| Geen boodschappen in Langenboom |
3% |
Uit de bovenstaande tabel blijkt dat 38% van de respondenten
volledig klant bij de dorpswinkel wil worden. 59% wil
gedeeltelijk de boodschappen doen en zal dus ook klant worden
bij de dorpswinkel.
In absolute aantallen blijkt dat 589 huishoudens klant willen
worden en zich in volledige mate of gedeeltelijk willen binden
aan de supermarkt. Omgerekend naar de totale bevolking
(uitgedrukt in huishoudens) is dit 65% van alle 900 huishoudens
in Langenboom.
5.2 Het te besteden bedrag per week per huishouden
In totaal geven 583 huishoudens die boodschappen willen doen in
de supermarkt in Langenboom een indicatie voor de hoogte van het
bedrag dat zij daar wekelijks denken te besteden. Figuur 1 geeft
deze resultaten weer. Mensen die geen boodschappen willen doen,
n=18, zijn in deze figuur buiten beschouwing gelaten.
Figuur 1: De hoogte van de wekelijkse besteding in de supermarkt
(n=583)
 |
Figuur 1 geeft weer dat 39% van de respondenten een bedrag tot
25euro wekelijks denkt te besteden in de dorpswinkel in
Langenboom. Eerder kwam naar voren dat 38% van de respondenten
de volledige bood¬schappen wil doen bij de supermarkt. Op het
eerste gezicht lijkt het dat het bestedingsbedrag van de
volledige boodschappen aan de lage kant wordt ingeschat namelijk
tot de 25 euro per week. 31 % geeft aan een bedrag te besteden
tussen de 25 en 50 euro per week en 18% denkt tussen de 50 en 75
euro te besteden. Meer dan 75 euro denkt 9% te besteden.
Er is echter een positieve correlatie tussen de omvang van de
boodschappen die wekelijks gedaan worden in de supermarkt en het
te verwachten bestedingsbedrag per week. Naarmate men meer
boodschappen doet, neemt ook het bestedingsbedrag toe.
5.3 Minimale en maximale weekomzet
Uitgaande van de bovenstaande bestedingsbedragen kan de minimale
en maximale wekelijkse omzet van de toekomstige dorpswinkel in
Langenboom berekend worden. De mini¬maal te verwachten weekomzet
bedraag €14.362,-- en de maximaal te verwachten weekomzet
bedraagt €28.450,--. Het gemiddeld bestedingsbedrag per week per
huishouden ligt hiermee minimaal op €25,-- en maximaal op
€49,--. In vergelijking met het totale wekelijkse
bestedingspatroon voor de boodschappen is dit minimaal 44% en
maximaal 62% van de totale boodschappen.
De kengetallen van de Troefmarkt en de Spar in kleine kernen met
een vergelijkbaar aantal inwoners in ogenschouw genomen, wijzen
uit dat een gemiddelde weekomzet van € 15.000,-- wordt behaald
en dat het gemiddeld bestedingsbedrag per supermarktbezoek per
week ongeveer ligt op € 15,-- . Uit een eerste marktonderzoek
van Troefmarkt werd een verwachte omzet van … berekend. Dit komt
overeen met de resultaten van deze enquête.
5.4 Extra voorzieningen
De onderstaande tabel geeft een overzicht van de voorzieningen
waarvan de huishoudens daadwerkelijk regelmatig gebruik zouden
willen maken als deze in de supermarkt aanwezig zijn.
Tabel 9: Regelmatig gebruik van extra voorzieningen door
huishoudens
| Type voorziening |
Regelmatig gebruik huishoudens |
| Pinautomaat |
70% |
| Postagentschap |
70% |
| Drogist |
68% |
| Retourette |
49% |
| Cadeau artikelen |
40% |
| Ansichtkaarten |
34% |
| Kopieermogelijkheid |
28% |
| Extra geld pinnen |
27% |
| Kranten en tijdschriften |
26% |
| Advertentiebord |
23% |
| Stomerij |
22% |
| Streekeigen producten |
15% |
| Foto-ontwikkelservice |
16% |
| Kant en klaarmaaltijden |
12% |
| Ticketverkoop |
10% |
| Bezorging boodschappen |
7% |
| Koffiecorner |
7% |
We kunnen stellen dat de pinautomaat, het postagentschap, de
drogist en de retourette zeer hoog scoren. Per voorziening
bestaat bij tenminste de helft van de respondenten een duidelijk
animo om deze ook daadwerkelijk te gaan gebruiken.
De cadeau-artikelen en ansichtkaarten zijn ook het overwegen
waard om op te nemen als extra voorziening in de dorpswinkel
omdat van elk van deze voorzieningen minstens 34% van de
respondenten gebruik zou maken.
Enkele deelnemers noemden nog andere voorzieningen waarvan zij
graag gebruik zouden willen maken:
- Bloemen/planten (2x);
- Aldi, Lidl
- Apotheek afhaalpunt
- Telefoonkaarten
- Drank, bier, wijn en sterke drank
- Spijkers e.d.
Dezelfde vraag is tevens voorgelegd aan de thuiswonende jongeren
in Langenboom van 18 jaar en ouder. Deze groep is naar
verhouding klein. Rekening houden met de mening van deze
toekomstige starters is echter wel van belang om te zorgen dat
het dorp ook aantrekkelijk voor hen blijft.
Tabel 10: Regelmatig gebruik van extra voorzieningen door
jongeren
| Type voorziening |
Regelmatig gebruik Jongeren |
| Pinautomaat |
75% |
| Drogist |
58% |
| Postagentschap |
54% |
| Cadeau artikelen |
36% |
| Kopieermogelijkheid |
35% |
| Retourette |
31% |
| Extra geld pinnen |
30% |
| Ticketverkoop |
27% |
| Kranten en tijdschriften |
24% |
| Foto-ontwikkelservice |
23% |
| Kant en klaarmaaltijden |
22% |
| Advertentiebord |
20% |
| Ansichtkaarten |
20% |
| Stomerij |
9% |
| Bezorging boodschappen |
7% |
| Streekeigen producten |
6% |
| Koffiecorner |
4% |
In het bovenstaande overzicht zijn de extra voorzieningen
gearceerd waarvan minstens 54% van de jongeren aangeeft dat zij
deze regelmatig zullen gebruiken als deze in de supermarkt
aanwezig zijn. De pinautomaat scoort 75%, De drogist 58% en het
postagentschap krijgt een score van 54%. Deze voorzieningen
scoren ook hoog bij de huishoudens.
Cadeauartikelen, kopieermogelijkheid en een retourette zijn ook
het overwegen waard. Minstens 31% van de jongeren zou hier
gebruik van maken.
Andere gewenste voorzieningen zijn:
- Een soort Hema;
- bankkantoor;
- Troefmarkt;
- Versproducten, streekeigen producten;.
- Bedrijfsruimte, mogelijkheden startende ondernemers.
5.5 Praktische en financiële bijdrage
Ervaringen elder in het land wijzen uit dat in kleine kernen met
minder dan 3.000 inwoners het extra inspanningen vergt om te
komen tot een rendabele dorpswinkel. Dit heeft minstens een
aanloopfase van vijf jaar nodig. Gelukkig bestaan er voorbeelden
zoals de dorpswinkel in Sterksel (1.400 inwoners), waar het
ondanks het gering aantal inwoners toch gelukt is om een goed
lopende dorpswinkel met betaalbare levensmiddelen op te zetten.
In een dorp als Sterksel leveren de inwoners samen een actieve
bijdrage om de dorpswinkel tot een succes te maken. Zij hebben
een grote binding met de winkel door een aantal getroffen
maatregelen:
- De inzet van vrijwilligers en betaald personeel dat woont in
het dorp;
- Een financiële eenmalige bijdrage voor het startkapitaal
waarmee dorpsbewoners ook medezeggenschap hebben over de winkel.
In totaal geven 147 respondenten aan vrijwilligerswerk en/of
betaald werk te willen verrichten in de dorpswinkel. Hiervan
zijn 93 deelnemers bereid zich in te zetten voor de dorpswinkel
als vrijwilliger tegen een vergoeding. Ook willen 54 deelnemers
als betaalde werknemer aan de slag in de dorpswinkel.
Van de thuiswonende jongeren van 18 jaar en ouder geven 19
jongeren aan geïnteresseerd te zijn in een bijbaantje. Hierbij
maakt iemand wel de kanttekening dat met name ook jongere
jongeren vanaf 14 jaar met name geïnteresseerd zijn in
dergelijke bijbaantjes zoals vakken vullen. Deze groep is echter
niet apart bevraagd.
Uit het aantal geïnteresseerden blijken er voldoende kansen te
liggen voor het werven van personeel en vrijwilligers in
Langenboom. Als mensen uit het eigen dorp zich inzetten in de
winkel zal dit zeker ook de binding van het dorp met de
dorpswinkel verhogen.
Het draagvlak voor de inzet van bewoners van Vizier in de
dorpswinkel en/of in het gemeenschapshuis is ook gepeild in de
enquete. Dit idee wordt breed gedragen: 83% juicht de inzet
bewoners Vizier toe.
De helft van de respondenten, is bereid een eenmalige financiële
bijdrage van 25 euro of meer te leveren. Omgerekend zal het dorp
naar verwachting minimaal een bedrag van € 7.300,-- bij elkaar
kunnen brengen als startkapitaal voor de dorpswinkel.
6 Wonen
6.1 Woningbehoefte
In de enquête zijn ook enkele vragen gesteld over de
woonsituatie van de mensen in Langenboom. Het heeft alleen nut
om in Langenboom extra voorzieningen op het gebied van
commerciële en publieke dienstverlening en recreatie en sport te
treffen als zowel jongeren als ouderen zo lang mogelijk in
Langenboom blijven wonen. Inzage in de woningbehoefte is daarom
van belang. Het is belangrijk dat de woonontwikkelingen die
gepland staan voor Langenboom hierop voldoende aansluiten.
In tabel 1 is te zien dat 111 huishoudens binnen 10 jaar
behoefte hebben aan een andere woning. Hiervan geven 54
huishoudens aan op korte termijn binnen een periode van 5 jaar
een andere woning te willen.
Bij de jongeren geven 53 jongeren aan binnen tien jaar op
zichzelf te gaan wonen. Hiervan hebben 32 jongeren op korte
termijn binnen 5 jaar plannen om te verhuizen.
Tabel 12: woningbehoefte
| Behoefte aan andere woning |
Huishoudens |
Jongeren |
| Binnen 2 jaar |
5% (n=30) |
19%
(n=18) |
| Over 2 tot 5 jaar |
4% (n=24) |
15%
(n=14) |
| Over 5 tot 10 jaar |
10% (n=57) |
22%
(n=21) |
| Nee ik wil niet verhuizen |
76% (n=443) |
19%
(n=18) |
| Nee ik wil niet in Langenboom blijven |
5% (n=31) |
25%
(n=25) |
In de vragenlijst is ook gevraagd of degenen die behoefte hebben
aan een andere woning zich geregistreerd hebben als
woningzoekende. Op deze vraag konden mensen meerdere antwoorden
invullen.
Van de huishoudens geven 39 huishoudens aan ingeschreven te zijn
bij woningcorporatie en 18 huishoudens bij de gemeente voor een
bouwkavel.
Van de jongeren geven•28 jongeren aan ingeschreven te staan bij
woningcorporatie,•6 jongeren voor een bouwkavel en 1 jongere bij
een makelaar voor een koopwoning.
De voorkeur lijkt uit te gaan naar een huurwoning van een
woningcorporatie. Dit kan ook te maken hebben met het feit dat
er weinig mogelijkheden tot koop of bouw van een woning in het
dorp aanwezig zijn.
7 Conclusies en aanbevelingen
7.1 De gemeenschapszin is groot in Langenboom
Er is een uitzonderlijk hoge respons behaald in dit onderzoek.
70 % van de huishoudens, heeft de vragenlijst ingevuld. Dit is
vooral te danken aan de grote inzet van de vrijwilligers die de
vragenlijsten huis aan huis hebben opgehaald. De bevindingen van
dit onderzoek zijn hiermee representatief voor de gehele
Langenboomse bevolking.
Uit de hoge respons en de grote inzet van de vrijwilligers kan
afgeleid worden dat de Langenboomse bevolking zeer begaan is met
de leefbaarheid van hun dorp en veel waarde hecht aan het
verbeteren hiervan.
7.2 Gevarieerder aanbod en multifunctioneel gebruik van de Wis
Bekendheid en gebruik
Het aanbod van De Wis is bekend bij een ruime meerderheid van de
huishoudens (63%). Iets minder dan de helft (45 %) geeft aan
nooit bij de Wis te komen. Bijna de helft van de huishoudens
maakt regelmatig gebruik van De Wis.
Thuiswonende jongeren van 18 jaar en ouder zijn veel minder
bekend met het aanbod (40%). Zij maken ook weinig gebruik van De
Wis. Driekwart van de jongeren komt er nooit. Meer dan de helft
van de jongeren geeft aan te weinig te weten over het aanbod om
aan te geven of zij tevreden hierover zijn.
Tevredenheid
Van de mensen die voldoende bekend zijn met het aanbod en die
gebruik hiervan maken geeft slechts 1% van de jongeren en van de
huishoudens aan ontevreden te zijn over het aanbod. Een tiende
deel van de huishoudens is matig tevreden. Bij de jongeren ligt
dit iets hoger op 15%.
Er worden concrete verbeterpunten genoemd die allemaal te maken
hebben met de wens om de inloop en het gebruik van De Wis te
vergroten. Slechts een relatief kleine groep van 7% van de
huishoudens en zo ook van de jongeren maakt nu vaak gebruik
maakt van De Wis.
Verbeterpunten
Ten aanzien van de bestaande faciliteiten worden de volgende
verbeterpunten genoemd:
- De afmeting van de sportzaal is onvoldoende geschikt voor
meerdere sporten die nu buiten Langenboom beoefend worden en de
veiligheid van kleedruimten laat te wensen over.
- De sfeer van de ontmoetingsruimte is ongezellig en dient
aangepast te worden indien meerdere gebruikers voor meerdere
doeleinden het gebouw bezoeken.
- Het personeel dient klantvriendelijker en flexibeler zich op
te stellen.
Gevarieerder aanbod voor jong en oud
Ook wordt er meerdere malen gepleit voor een gevarieerder aanbod
voor jong en oud en meerdere verenigingen. Tevens worden
mogelijkheden gezien om in De Wis de ruimten multifunctioneler
te benutten voor onderdelen van een servicepunt met bijvoorbeeld
een fysiotherapeut in een huidige spreekkamer, een klussendienst
of bankzaken.
7.3 Openstellen van Steunpunt ’t Klôster
Op grond van deze resultaten concluderen we dat er breed
draagvlak is voor het verbinden van het steunpunt met De Wis
voor het vergroten van het gebruik van het huidige steunpunt en
De Wis en om extra voorzieningen te creëren.
Behoud en meer en betere dagopvang
Een derde deel van de bevolking is bekend met het aanbod van het
steunpunt voor ouderen. Onder de thuiswonende jongeren van 18
jaar is bijna niemand bekend met dit aanbod.
Uit de respons kunnen we opmaken dat het steunpunt geen brede
inloop kent. Slechts een zeer kleine groep van 2% van de
huishoudens komt vaak in het steunpunt. Dit zullen de gebruikers
en mogelijk ook vrijwilligers zijn die direct iets te maken
hebben met het steunpunt.
In de open vraag pleiten mensen voor meer dagopvang en het
voortbestaan ervan. Zij noemen ook een aantal verbeterpunten:
- Het bieden van een bed aan de ouderen om liggend te kunnen
rusten;
- Het verbeteren van de maaltijd
- Meer dagopvang om familieleden te ontlasten met openingstijden
van 9.00 tot 18.00 uur.
- Het verbeteren van het negatieve imago.
Behoefte aan extra voorzieningen
Door De Wis beter te verbinden met het steunpunt voor ouderen
ontstaan er kansen voor extra voorzieningen en activiteiten. Er
zou hiervoor een dorpstrefcentrum gecreëerd kunnen worden. De
respondenten geven hierbij in grote getale concrete aanwijzingen
voor extra voorzieningen waaraan zij behoefte hebben. Met
uitzondering van de kinderopvang en buitenschoolse opvang en het
weegspreekuur geven meer dan 100 huishoudens bij alle voor
gestructureerde activiteiten aan hier daadwerkelijk gebruik van
te willen maken. De medische voorzieningen scoren het hoogst
variërend van 35% tot 59%: een spreekuur van de huisarts, een
apotheekfunctie, een prikdienst en een fysiotherapeut. Ook geeft
een grote groep aan behoefte te hebben aan een bibliotheekpunt
(30%).
Nieuwe activiteiten ter bevordering van de inloop
Ook worden concrete nieuwe activiteiten genoemd die meer inloop
en het openstellen van het Steunpunt voor de rest van de
Langenboomse gemeenschap en bewoners van Vizier kunnen
bewerkstelligen.
7.4 Vangnet voor mantelzorgers
Mantelzorg
Langenbomenaren zorgen voor elkaar. Het wordt duidelijk dat
mantelzorg ook in Langenboom een vanzelfsprekendheid is. 78
huishoudens geven aan mantelzorg te verlenen.
Ongeveer 6% van de huishoudens geeft aan dat zij de afgelopen
drie maanden minstens 1 keer per week mantelzorg hebben
ontvangen. Het gaat hier om 34 huishoudens die intensievere
mantelzorg ontvangen. Dit komt overeen met de landelijke
cijfers.
Vrijwilligerswerk
Het valt op dat slechts 2% gebruik zegt te maken van vrijwillige
hulp van een vrijwilligersorganisatie. 12% van de huishoudens
geeft echter aan vrijwillige hulp te verlenen. Hiermee is de
groep zorgontvangers veel kleiner dat de groep vrijwilligers.
Dit kan betekenen dat meerdere vrijwilligers hulp bieden aan
dezelfde personen. Het kan ook zijn dat een deel van de
vrijwillige hulpverlening meer incidenteel van aard is. Denk
hierbij bijvoorbeeld aan het bezoeken van mensen die in het
ziekenhuis liggen of het 1 keer per jaar deelnemen aan een
groepsactiviteit voor zieken.
Het is de vraag in hoeverre het huidige vrijwilligerswerk
aansluit bij de behoeften van mantelzorgers en in hoeverre zij
de mantelzorg nog kunnen versterken. Hierover zal doorgepraat
moeten worden met mantelzorgers en vrijwilligers uit Langenboom.
Ontwikkelingen
Mantelzorgers vormen immers een belangrijk fundament van de
zorg- en welzijnswereld. Ongeveer 80% van de zorg in Nederland
wordt verleend door mantelzorgers. Mensen op het platteland
verlenen meer mantelzorg dan in de steden. De verschillen zijn
echter klein. Dat betekent dat het traditionele beeld dat op het
platteland mensen veel meer voor elkaar zorgen dan in de stad,
beperkt waar is. Vanwege de dubbele vergrijzing zijn er steeds
meer mantelzorgers nodig in de toekomst. De druk op mantelzorg
neemt met name toe omdat zij een steeds belangrijkere rol
toebedeeld krijgen. In nieuwe wetten zoals de WMO wordt een
groter beroep gedaan op de zelfredzaamheid, de mantelzorg en het
vrijwilligerswerk. Het is daarom belangrijk om in Langenboom na
te gaan hoe een goed vangnet aan mantelzorgers geboden kan
worden. Hiervoor is een goed inzicht nodig in de informele zorg.
Hoeveel mensen zorgen er voor elkaar in Langenboom? Hoe kunnen
we ervoor zorgen dat mantelzorgers niet overbelast worden? Aan
welke ondersteuning hebben zij behoefte? Sluit het
vrijwilligerswerk en de professionele zorg goed aan op de
behoeften van mantelzorgers?
7.5 Een breed draagvlak voor de dorpswinkel
Een mogelijke komst van een dorpswinkel wordt breed gedragen
door de Langenboomse bevolking. Een ruime meerderheid van alle
inwoners in Langenboom (97%) wil zich binden aan de dorpswinkel
in Langenboom en is voornemens de wekelijks benodigde
boodschappen geheel of gedeeltelijk in Langenboom in te kopen.
Dit is een enorm bindingspercentage. Bij andere supermarkten in
kleine kernen met een vergelijkbaar inwonersaantal in de
omgeving blijkt het bindingspercentage tussen de 30% en 40% te
liggen.
Hieronder gaan we in op een drietal beïnvloedende factoren die
positief bijdragen aan de binding van het dorp.
1. Binding uitgedrukt in de omvang van de besteding
De mate waarin de huishoudens zich willen binden lijkt voldoende
kansen te bieden. Ruim een derde van de huishoudens (38%) wenst
alle boodschappen te doen. De meerderheid van de huishoudens
(59%) wil echter een deel van de boodschappen doen. Het gaat
hier om alleen boodschappen die men vergeten is of alleen
versproducten of alleen houdbare producten.
2. Binding uitgedrukt in een financiële bijdrage
De helft van de huishoudens (50%) is bereid een eenmalige
bijdrage van €25,-- of meer te leveren aan de supermarkt.
Hiermee kunnen we concluderen dat de binding van het dorp
uitgedrukt in een financiële bijdrage hoog is. Deze peiling laat
zien dat het verwachte bindingspercentage van 30%, dat op basis
van kengetallen van een supermarktketen berekend is, haalbaar
lijkt te zijn.
Het onderzoek laat zien dat naar verwachting het dorp een
minimaal bedrag van € 7.300,-- bij elkaar brengt ten behoeve van
het startkapitaal van de dorpswinkel.
3. Binding uitgedrukt in eigen inzet in de supermarkt
De binding lijkt verhoogd te kunnen worden door de inzet van
mensen uit het eigen dorp in de winkel.
In totaal zijn er 147 mensen bereid vrijwilligerswerk of betaald
werk te verrichten in de supermarkt.
Daarnaast zijn er 19 thuiswonende jongeren van 18 jaar en ouder
geïnteresseerd in een bijbaantje. Hierbij maakt iemand wel de
kanttekening dat met name ook jongere jongeren vanaf 14 jaar met
name geïnteresseerd zijn in dergelijke bijbaantjes zoals vakken
vullen. Deze groep is echter niet apart bevraagd. Uit het aantal
geïnteresseerden blijken er voldoende kansen te liggen voor het
werven van personeel en vrijwilligers in Langenboom. Als mensen
uit het eigen dorp zich inzetten in de winkel zal dit zeker ook
de binding van het dorp met de dorpswinkel verhogen.
Het draagvlak voor de inzet van bewoners van Vizier in de
dorpswinkel en/of in het gemeenschapshuis is ook gepeild in de
enquête. Dit idee wordt breed gedragen: 83% juicht de inzet
bewoners Vizier toe. Het is aan te bevelen om in het
draagvlakonderzoek ook in gesprek te gaan met Stichting Vizier
om de mogelijkheden te verkennen.
7.6 Dorpswinkel lijkt levensvatbaar
Op basis van het bestedingspatroon van de huishoudens kunnen we
een indicatie geven voor een aantal kengetallen:
- De minimaal te verwachten weekomzet bedraagt €14.362,-- en de
maximaal te verwachten weekomzet bedraagt € €28.450,--.
- Het gemiddeld bestedingsbedrag per week per huishouden ligt
hiermee minimaal op €25,-- en maximaal op €49,--.
In vergelijking met het totale wekelijkse bestedingspatroon voor
de boodschappen is dit minimaal 44% en maximaal 62% van de
totale boodschappen.
Kijkend naar de cijfers van andere dorpswinkels in kleine kernen
met een vergelijkbaar aantal inwoners en een volwaardig
assortiment kunnen we concluderen dat op basis van de berekende
kengetallen een levensvatbare en haalbare dorpswinkel in
Langenboom mogelijk is.
In vergelijkbare kernen hebben de dorpswinkels een gemiddelde
weekomzet van € 15.000,-- en ligt het gemiddeld bestedingsbedrag
per supermarktbezoek per week ongeveer op € 15,--.
7.7 Behoeften afstemmen op woonontwikkelingen
We kunnen concluderen dat er op korte termijn binnen vijf jaar
een behoefte is aan levensloopbestendige woningen.
Van de huishoudens geven 39 huishoudens aan ingeschreven te zijn
bij woningcorporatie en 18 huishoudens bij de gemeente voor een
bouwkavel.
Van de jongeren geven•28 jongeren aan ingeschreven te staan bij
woningcorporatie,•6 jongeren voor een bouwkavel en 1 jongere bij
een makelaar voor een koopwoning.
De voorkeur lijkt uit te gaan naar een huurwoning van een
woningcorporatie. Dit kan ook te maken hebben met het feit dat
er tot nu toe weinig mogelijkheden waren tot koop of bouw van
een woning in het dorp.
Het is aan te bevelen in gesprek te gaan met de doelgroep die
behoefte heeft aan een nieuwe woning. Het biedt ook kansen om
samen met de doelgroep geschikte huisvesting te ontwikkelen in
Langenboom.
7.8 Gesprekken met specifieke doelgroepen
We bevelen aan om met de volgende specifieke doelgroepen op
basis van de resultaten van de enquête door te praten over de
volgende activiteiten:
- Ouders met kinderen van 0 tot 12 jaar (opvang, weegspreekuur
en activiteiten voor kinderen van het basisonderwijs, eetcafé,
bibliotheek)
- Verenigingen (Sportactiviteiten en recreatie)
- Kinderen van 12 tot 16 jaar (activiteiten voor jongeren: o.a.
jeugdhonk, bibliotheek, computer en internetlessen)
- Ouderen, chronisch zieken en gehandicapten en hun
mantelzorgers (informatiepunt, computer en internetlessen,
bibliotheek, eetcafé, wijkverpleegkundigen, medische
voorzieningen)
- Langenbomenaren die binnen een periode van 5 jaar behoefte
hebben aan een andere woning: senioren en starters en
doorstarters (vanaf het begin actief betrekken bij
woonontwikkelingen).
- Stichting Vizier in verband met dagbestedingsactiviteiten in
de voorzieningen
7.9 Vervolgstappen
Op basis van de resultaten stellen we de volgende vervolgstappen
voor:
1. Presentatie enquête inwonersavond (januari 2006)
2. Conceptontwikkeling van een multifunctioneel dorpstrefcentrum
door de projectgroep (gemeente Mill, Woma Maasland, Dorpsraad,
Op het Dorp) in samenspraak met de bevolking
3. Onderzoek van de haalbaarheid van het MDT (januari t/m april
2006) door de projectgroep door middel van gesprekken met:
a. aanbieders (zorg en welzijn, Rabobank,
Supermarktketen/-ondernemers etc.)
b. verenigingen en andere dorpsbewoners
4. Informatiebijeenkomst voor inwoners: presenteren haalbaarheid
plannen (mei 2006)
5. Samen aan de slag met de realisatie! (juni 2006)
 |